Vakgebieden

1Consultatiegegevens
2Contactgegevens
Klik op dit gebied om bestanden te uploaden U kunt tot 3 bestanden uploaden.
We accepteren PDF, JPEG en PNG bestanden.

Met de invoering van het Wetboek van Economisch Recht, werden de begrippen handelaar en koopman afgeschaft, en werd een moderne opvatting van het begrip onderneming ingevoerd.

Het ondernemingsrecht (voorheen Handelsrecht) kan dan ook gedefinieerd worden als het recht dat betrekking heeft op het reilen en zeilen van de onderneming en de commerciële activiteiten van ondernemingen. Soms wordt ook wel de ruimere term economisch recht gebruikt die kan gedefinieerd worden als het recht dat betrekking heeft op commerciële verrichtingen in ruime zin (zowel ondernemingen als consumenten).

Ondernemingsrecht is een heel ruim begrip, waaronder verschillende rechtstakken kunnen ondergebracht worden, zoals o.a.:

  • Vennootschapsrecht
  • Bijzondere handelsovereenkomsten
  • Intellectuele eigendomsrechten
  • Mededingingsrecht
  • Marktpraktijken en consumentenrecht
  • Faillissement en gerechtelijke reorganisatie
  • Verzekeringsrecht
  • Financieel recht en bank- en effectenrecht

Hoewel de draagwijdte van het begrip Ondernemingsrecht nog andere rechtstakken en concepten kan omvatten naargelang interpretatie van deze term, worden hieronder enkel bovenstaande begrippen kort uiteengezet.

Vennootschapsrecht

Vennootschapsrecht is het recht dat betrekking heeft op vennootschappen en verenigingen en is geregeld in het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen van 23 maart 2019.

Deze rechtstak regelt de hele levensgeschiedenis en de werking van vennootschappen (en verenigingen).

Dit omvat algemene begrippen als rechtspersoonlijkheid en afgescheiden vermogen en de verschillende types van vennootschappen (waarvan de voornaamste vormen de naamloze vennootschap en besloten vennootschap zijn), alsook hun oprichting en de daarbij horende formaliteiten. Daarnaast regelt dit recht ook de werking van ondernemingen, zoals kapitaal- en inbrengtransacties, de werking van het bestuur en de algemene vergadering, maar eveneens de overdracht van (aandelen van) vennootschappen en de ontbinding en vereffening van vennootschappen.

Veel voorkomende thema’s van het vennootschapsrecht zijn de vennootschapstransacties zoals fusies en splitsingen, alsook overdrachten van aandelen (m.i.v. due diligence onderzoek, zijnde het onderzoek dat de onderneming zorgvuldig analyseert op economische, juridische, fiscale en financiële omstandigheden en dat zulke transacties doorgaans voorafgaat), maar ook bestuurdersaansprakelijkheid (en de verzekering daarvan).

De rechtstak Vennootschapsrecht wordt nader toegelicht onder Vennootschapsrecht.

Bijzondere Handelsovereenkomsten

Handelstussenpersonen

Vooreerst omvat de rechtstak Bijzondere Handelsovereenkomsten de handelstussenpersonen.

Dit zijn tussenpersonen in het commercieel verkeer die door bemiddeling overeenkomsten tussen partijen tot stand brengen. De voornaamste handelstussenpersonen zijn de handelsagent, de handelstussenpersoon, de makelaar en de commissionair.

De opdracht van de onderscheiden vormen van tussenpersonen varieert van het louter samenbrengen en in contact brengen van partijen (makelaar), tot de vertegenwoordiging bij het sluiten van overeenkomsten in naam en voor rekening van de opdrachtgever (handelsagent en handelsvertegenwoordiger).

In de praktijk

Een welbekend voorbeeld van een handelstussenpersoon is de vastgoedmakelaar, wiens rol kan variëren tussen het louter zoeken van potentiële (ver)kopers voor hun cliënt tot de bevoegdheid om in naam en voor rekening van hun cliënt huur- of koopovereenkomsten te onderhandelen en zelfs af te sluiten.

Distributieovereenkomsten

De bijzondere handelsovereenkomsten omvatten eveneens de distributieovereenkomsten, die de verhouding regelen tussen de onderneming die een distributienetwerk van haar producten of diensten wil organiseren en de distributeur die de hem toevertrouwde distributie moet uitvoeren. Twee bijzondere vormen van distributieovereenkomsten zijn de concessie en de franchise.

Consessie

De concessieovereenkomst, of overeenkomst van alleenverkoop, is een handelsovereenkomst waarbij een concessiegever aan een concessiehouder het recht verleent om, veelal op exclusieve basis binnen een bepaald grondgebied, in eigen naam en voor eigen rekening goederen te verkopen die de concessiegever zelf produceert of minstens verdeelt, en die door de concessiegever aan de concessiehouder worden verkocht met het oog op hun doorverkoop. De essentie van de concessieovereenkomst bestaat in het inschakelen van de concessiehouder in het distributienetwerk van de concessiegever.

Een typisch voorbeeld van concessie is de uitbating van een merkgarage.

Franchise

Franchising is naar Belgisch recht wettelijk gedefinieerd noch geregeld. Aan dit type handelsovereenkomst werd derhalve invulling gegeven door de rechtspraak.

Daarin werd de franchiseovereenkomst gedefinieerd als een handelsovereenkomst waarbij een franchisegever tegen vergoeding een franchisenemer het recht verleent om gebruik te maken van een merk en logo, alsook van de daaraan gekoppelde naamsbekendheid en een handelsformule (bv. gelijkaardige en kenmerkende inrichting van winkels), waarbij de franchisegever bovendien bijstand verstrekt (bv. inzake presentatie van etalages en publiciteit) en er een nauwe samenwerking bestaat tussen franchisegever en -nemer (bv. bij de samenstelling van het assortiment en de aankoop van producten).

Een typisch voorbeeld van franchising is de uitbating van een filiaal van een fastfoodketen.

Andere vormen van handelsovereenkomsten

Andere vormen van bijzondere handelsovereenkomsten zijn:

  • De financiële zekerheden: het pand, de eigendomsoverdracht tot zekerheid en de schuldvergelijking …;
  • Factoring: een vorm van debiteurenfinanciering, waarbij de debiteurenportefeuille wordt uitbesteed aan een extern bedrijf. Dat bedrijf zorgt dan voor de afhandeling van de debiteuren;
  • Leasing: een financieringsvorm gebruikt voor bedrijfsmiddelen, waarbij een leasemaatschappij het bedrijfsmiddel financiert en uitleent aan de gebruiker die hier een vergoeding voor betaalt.

Tot slot kunnen ook de handelshuurovereenkomst en bepaalde vormen van gemeenrechtelijke huurovereenkomsten (bv. met betrekking tot opslagruimtes) als bijzondere handelsovereenkomsten worden beschouwd.

Intellectuele eigendomsrechten

Intellectuele eigendomsrechten zijn rechten die creatieve of technische (vernieuwende) creaties beschermen.

Enerzijds, geven intellectuele eigendomsrechten de ontwikkelaar van dergelijke creatie het exclusieve recht om diens creatie o.a. te exploiteren, openbaar te maken, te kopiëren of op andere wijze te gebruiken. Anderzijds zijn intellectuele eigendomsrechten een verbodsrecht dat de rechthebbende ontwikkelaar het recht geeft om het gebruik van zijn creatie te onderwerpen aan zijn goedkeuring.

De voornaamste vormen van intellectuele eigendomsrechten, die elk een andere soort creatie beschermen, zijn:

  • Het auteursrecht: dit beschermt een intellectuele creatie die in een concrete vorm werd uitgewerkt (bv. een roman, maar ook een muziekstuk, kledingontwerp of computerprogramma);
  • De octrooien: ook patenten genoemd, zij beschermen techn(olog)ische uitvindingen die zowel betrekking kunnen hebben op een inrichting of installatie, als op een product of een werkwijze voor het uitvoeren of realiseren van technische zaken;
  • Het merkenrecht: dit beschermt de warenmerken van ondernemingen. Een merkenrechtelijke bescherming verleent een onderneming meer bepaald de vrijheid om een teken (bv. een logo of een slagzin) te gebruiken waarmee zij zichzelf kan onderscheiden van andere ondernemingen om een unieke positie in te nemen op de markt;
  • De bescherming van tekeningen en modellen: hiermee wordt de bescherming geregeld van het uiterlijk aspect van op industriële of ambachtelijke wijze vervaardigde voorwerpen, met inbegrip van verpakking, uitvoering, grafische symbolen, enzovoort.

In de praktijk

Zo heeft bijvoorbeeld de schrijver van een roman het exclusieve recht om zijn boek bekend te maken en te exploiteren (verkopen etc.) en kan hij elke andere partij verbieden om ditzelfde te doen zonder zijn toestemming. Maar ook de choreograaf kan zijn choreografisch werk auteursrechtelijk beschermen zoals ook een computerontwikkelaar het door hem ontworpen computerprogramma kan beschermen.

De titularis van een merk kan anderen verbieden om hetzelfde merk te gebruiken, of om een merk te gebruiken dat sterk op het beschermde merk lijkt, en dat bij gebruik door een derde voor verwarring zou kunnen zorgen bij de consument.

Mededingingsrecht

Het begrip mededinging houdt in dat er sprake is van eerlijke concurrentie op een markt.

Mededingingsrecht is dan ook de regelgeving die de vrije werking van de markt reguleert en de concurrentie waarborgt op verschillende wijzen, zowel voor ondernemingen als voor consumenten.

De drie voornaamste begrippen van het mededingingsrecht gericht op ondernemingen zijn:

  • Het verbod op kartelafspraken: het verbod op overeenkomsten of afspraken die de mededinging binnen de gemeenschappelijke markt verhinderen, beperken of vervalsen.
  • Het verbod op misbruik van machtspositie van ondernemingen
  • De concentratiecontrole: waarbij de overheid een controle uitoefent en kan verbieden dat onafhankelijke ondernemingen grensoverschrijdend fuseren indien deze nieuw samengestelde onderneming de mededinging op de markt kan belemmeren door het versterken van een machtspositie.

In de praktijk

Zo vatte bijvoorbeeld de Europese Commissie in 2021 een onderzoek aan naar machtsmisbruik door Facebook. Facebook wordt ervan verdacht dat zij de gegevens die zij verzamelt van haar miljarden gebruikers misbruikt voor haar eigen zoekertjesafdeling Marketplace waardoor zij op oneerlijke wijze concurreert met haar eigen concurrenten. Deze concurrenten zijn bijvoorbeeld zoekertjessites die op Facebook adverteren, waardoor Facebook zelf weet op welk publiek die sites zich richten en waardoor het zelf haar zoekertjesafdeling Marketplace kan bijsturen. Indien uit het onderzoek zou blijken dat Facebook inderdaad haar machtspositie m.b.t. advertenties misbruikt, kan de Europese Commissie Facebook boetes opleggen.

Marktpraktijken en consumentenrecht

Marktpraktijken en consumentenrecht/consumentenbescherming omvat de regelgeving die moet zorgen voor de eerlijkheid van de handelstransacties in het belang van zowel de concurrenten als de consumenten.

Belangen consumenten

Enerzijds omvat deze rechtstak de regelgeving die de belangen van consumenten in hun transacties beschermt en die zodoende de eerlijkheid van handelstransacties tussen ondernemingen en consumenten beoogt te verzekeren. Dit behelst onder andere het verbod op onrechtmatige bedingen in contracten met consumenten, de overeenkomsten op afstand en de verkopen buiten de onderneming, het verbod op oneerlijke handelspraktijken ten aanzien van consumenten.

Belangen concurrenten

Anderzijds beschermt deze regelgeving de belangen van concurrerende ondernemingen, die immers schade zouden kunnen lijden door elkaars marktoptreden. Dit omvat onder andere het verbod van verkoop met verlies en de regeling betreffende solden, en het verbod op prijsverminderingen tijdens de sperperiode.

In de praktijk

Een concreet toepassingsvoorbeeld van de regelgeving rond consumentenbescherming is terug te vinden in de E-commerce ofwel elektronische handel, die steeds aan belang toeneemt. Deze term omvat het sluiten van contracten over het internet en het online uitvoeren van betalingen (zoals vb. online koopplatformen Zalando en Amazon). Op deze E-commerce is de regelgeving van verkoop op afstand van toepassing, die beoogt om de bescherming van de consument bij online verkopen te maximaliseren en het misbruik door malafide ondernemingen te minimaliseren, door o.a. informatieplichten op te leggen, alsook door een uitgewerkte regeling rond herroepingsrecht en verplicht opgelegde garanties.

Faillissement en gerechtelijke reorganisatie

Het ondernemingsrecht omvat eveneens de regelgeving omtrent het einde van de handelsactiviteit, bij wijze van gerechtelijke reorganisatie of faillissement.

Hoewel handelsactiviteiten op vrijwillige basis kunnen beëindigd worden, zoals het geval is bij ontbinding en vereffening van een vennootschap (onderdeel van het Vennootschapsrecht), vormen insolvabiliteitsproblemen frequent de oorzaak van de vroegtijdige beëindiging van een handelsactiviteit.

Zowel de gerechtelijke reorganisatie als het faillissement zijn procedures bedoeld voor ondernemingen in financiële moeilijkheden. De eerste procedure is erop gericht de onderneming wiens financiële problemen niet te omvangrijk zijn, of minstens omkeerbaar lijken, te redden. De tweede procedure beoogt de onderneming stop te zetten wanneer er geen hoop op redding meer bestaat.

In het kader van een gerechtelijke reorganisatie zullen ondernemingen met liquiditeitsproblemen door het sluiten van een minnelijk of collectief akkoord met de schuldeisers of door de overdracht onder gerechtelijk gezag van (een deel van) hun handelsactiviteiten trachten die activiteiten geheel of gedeeltelijk te redden.

Het faillissement is de procedure die wordt opgestart wanneer een schuldenaar niet meer in staat is zijn financiële verplichtingen te voldoen, en die de (veelal deficitaire) vereffening van de onderneming beoogt. Het faillissement kan dan ook omschreven worden als ‘een collectief beslag ten voordele van de gezamenlijke schuldeisers van de debiteur, met het oog op betaling van de schulden op voet van gelijkheid van de schuldeisers’.

Verzekeringsrecht

Verzekeringsrecht is het geheel van rechtsregels dat de onderlinge verhoudingen tussen enerzijds de verzekeraar en anderzijds de verzekeringnemer en/of de verzekerde bepaalt.

Deze rechtstak heeft betrekking op verzekeringen zowel in een professioneel kader (bv. bestuurdersaansprakelijkheid of verzekering in de bouwsector) als in de privésector (bv. brand- of woningverzekering).

De rechtstak Verzekeringsrecht wordt nader toegelicht onder Verzekeringen, Verkeer en Aansprakelijkheid.

In de praktijk

Dit recht is van toepassing wanneer bijvoorbeeld een brand in een woning ontstaat, waardoor ook het huis van een buurman vernield wordt door de brand of wanneer verschillende partijen betrokken zijn in een auto-ongeval.

Financieel recht en bank- en effectenrecht

Tot slot kan ook het financieel recht onder de noemer van het economisch recht worden ondergebracht. Financieel recht is het rechtsgebied dat een brede waaier aan regelgeving omvat met betrekking tot o.a. de beurzen en de kapitaalmarkt, banken, alsook de regelgeving van toepassing op financiële transacties, zekerheidsconstructies en kredietverstrekking.

Bank- en Effectenrecht maakt een onderdeel uit van het financieel recht, en slaat op de regelgeving over de (werking en organisatie van) banken en financiële instellingen, en de regelgeving rond de uitgifte van waardepapieren en het gebruik en de verhandeling van geld en waardepapieren.

Rol van de advocaat

Ons kantoor heeft een jarenlange ervaring in het behandelen van alle aspecten van het economisch recht.

Door middel van een intensieve studie van jouw dossier en de ons voorgelegde problematiek analyseren wij jouw positie en leggen wij jou de mogelijke opties voor zodat jij uw doelstellingen op de meest (kosten-)efficiënte wijze kan realiseren.

Wij staan daarbij voor een professionele en pragmatische aanpak, met een permanente focus op de cliënt. Het spreekt voor zich dat je van ons heldere communicatie en een permanente betrokkenheid bij jouw dossier kan verwachten en dat wij jou een kwalitatief hoogstaand antwoord bieden op al jouw juridische vragen.

Onze organisatie bouwt bovendien op een doorgedreven samenwerking tussen de verschillende advocaten onderling, met elk hun eigen specialisatie, waardoor wij een geïntegreerde aanpak van multidisciplinaire dossiers kunnen aanbieden. Ons uitgebreid netwerk van buitenlandse kantoren laat ons bovendien toe om ook dossiers waarvan alle of welbepaalde aspecten zich in het buitenland situeren op de meest vakkundige en doeltreffende wijze te behandelen.

Je kan bij ons terecht voor advies, bijvoorbeeld met betrekking tot de aan- of verkoop, herstructurering of interne organisatie van jouw bedrijf. Wij kunnen tevens jouw vennootschapssecretariaat verzorgen en correcte notulen van de algemene vergadering en raad van bestuur aanleveren.

Ook het aanpakken van geschillen tussen aandeelhouders en/of bestuurders behoort tot onze expertise. Wij trachten daarbij steeds een minnelijke oplossing uit te werken maar schuwen de procedurele mogelijkheden niet indien die noodzakelijk blijken.

Verder zijn wij bedreven in het opstellen van allerhande commerciële overeenkomsten. Een juridisch waterdichte overeenkomst die de rechten en plichten van elke partij helder en zonder ruimte voor interpretatie uiteenzet is immers essentieel voor het vermijden van betwistingen naderhand.

Ingeval het toch tot een betwisting over de uitvoering of beëindiging van een overeenkomst zou komen, staan wij jou bij in het voeren van onderhandelingen en administratieve en gerechtelijke procedures.

Tot slot bieden wij ook begeleiding in het kader van de (buiten-)gerechtelijke reorganisatie en het faillissement van jouw bedrijf of van dat van jouw schuldenaars.

1Consultatiegegevens
2Contactgegevens
Klik op dit gebied om bestanden te uploaden U kunt tot 3 bestanden uploaden.
We accepteren PDF, JPEG en PNG bestanden.

FAQ

Wat is het verschil tussen een naamloze vennootschap (NV) en een besloten vennootschap (BV)?

Onder het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, kennen de naamloze vennootschap en de besloten vennootschap vele gelijkenissen.

Zo zijn het beiden rechtspersonen met beperkte aansprakelijkheid, kunnen ze allebei opgericht worden door één enkele persoon en worden ze beiden opgericht bij notariële akte. Daarnaast kunnen in beide vennootschapsvormen categorieën van aandelen worden gecreëerd (zo is het bijvoorbeeld mogelijk om sommige aandelen meervoudig stemrecht toe te kennen), en zijn de aandelen in beide vennootschappen vrij overdraagbaar (welke mogelijkheid voor de BV is uitgebreid onder het WVV).

De voornaamste verschillen tussen de BV en de NV liggen in het kapitaal/aanvangsvermogen, de flexibelere procedure voor uitkeringen in de NV en de organisatie van het bestuur.

Als voornaamste onderscheid heeft een NV nog steeds een kapitaal, en moet bij de oprichting van een NV een minimumkapitaal van 61.500 EUR worden volstort. Bij de BV werd het kapitaalbegrip afgeschaft en vervangen door het toereikend aanvangsvermogen. Er is geen wettelijk minimum meer dat bij de oprichting moet volstort worden, wel moeten oprichters de vennootschap voorzien van een vermogen dat toereikend is om haar activiteiten uit te voeren. Als garantie hiervoor, werd hieraan de oprichtersaansprakelijkheid verbonden, op grond waarvan oprichters aansprakelijk gesteld kunnen worden voor de verbintenissen van de vennootschap indien deze binnen 3 jaar na oprichting failliet zou worden verklaard.

Wanneer moet een onderneming het faillissement aanvragen?

Een onderneming moet het faillissement aanvragen wanneer volgende voorwaarden zijn vervuld:

  1. De onderneming heeft op duurzame wijze opgehouden te betalen én
  2. het krediet is geschokt.

De eerste voorwaarde houdt in dat de onderneming in de definitieve onmogelijkheid verkeert om haar vervallen, zekere en opeisbare schulden te voldoen. Opdat deze voorwaarde is vervuld is het niet vereist dat de onderneming al haar schulden niet betaalt, maar de financiële problemen moeten wel van duurzame aard zijn en de onderneming moet blijvende liquiditeitsproblemen hebben.

De tweede voorwaarde houdt het gebrek aan vertrouwen of krediet in dat de ondernemer geniet bij zijn schuldeisers, leveranciers en kredietverstrekkers. Deze voorwaarde is voldaan wanneer de onderneming geen krediet meer krijgt om de schulden te voldoen of de schuldeisers niet langer bereid zijn uitstel van betaling te verlenen.

Wanneer bovenstaande voorwaarden zijn voldaan, moet de onderneming binnen de maand na de staking van betaling aangifte van faillissement doen.

Waarin verschillen een handelsagentuurovereenkomst en een makelaarsovereenkomst?

Het Wetboek van Economisch Recht definieert een handelsagentuurovereenkomst als de overeenkomst waarbij een partij, de handelsagent, door een andere partij, de principaal, permanent en tegen vergoeding, en zonder dat hij onder diens gezag staat, belast wordt met het bemiddelen van zaken in naam en voor rekening van de principaal.

Opdat er sprake zou zijn van een handelsagentuurovereenkomst dient aan alle elementen van deze definitie te zijn voldaan:

  • de handelsagent bemiddelt bij het tot stand komen van zaken. Onder bemiddeling kan worden verstaan het actief optreden en het onderhandelen of tussenbeide komen om een overeenkomst tot stand te brengen;
  • de activiteiten van de handelsagent worden vergoed. Die vergoeding kan bestaan uit een vast bedrag of een variabele commissie, of uit een combinatie van beide vergoedingsvormen.
  • de principaal oefent geen gezag uit over de handelsagent, hetgeen impliceert dat een handelsagent steeds een zelfstandige activiteit uitoefent en dus nooit een werknemer kan zijn van de principaal;
  • de handelsagent treedt op in naam en voor rekening van de principaal, en is dus steeds een vertegenwoordiger van de principaal;
  • er bestaat een permanente band tussen de handelsagent en de principaal. Dat betekent niet dat een handelsagent slechts voor één principaal zou kunnen werken of dat hij zijn activiteiten niet als bijberoep zou kunnen uitoefenen. Met het vereiste van een permanente band wordt wel aangeduid dat de verhouding tussen handelsagent en principaal een duurzaam en stabiel karakter dient te hebben.

Een makelaarsovereenkomst is de overeenkomst tussen een opdrachtgever en een zelfstandige tussenpersoon, de makelaar, wiens beroepsactiviteit erin bestaat te bemiddelen bij het tot stand komen van overeenkomsten in naam en voor rekening van de opdrachtgever, doch zonder dat hij met die opdrachtgever een permanente band heeft.

De aard van de activiteiten van de makelaar is dus identiek aan deze van de handelsagent. De beide handelsovereenkomsten verschillen evenwel op één essentieel punt: de makelaar heeft, in tegenstelling tot de handelsagent, geen duurzame verhouding met zijn opdrachtgever. De band tussen opdrachtgever en makelaar is daarentegen louter occasioneel en beperkt zich in de meeste gevallen tot het vervullen van een eenmalige opdracht. De makelaar maakt bijgevolg geen deel uit van de commerciële organisatie van zijn opdrachtgever.

De kwalificatie van een samenwerkingsverband als een handelsagentuurovereenkomst, dan wel een makelaarsovereenkomst, heeft verstrekkende gevolgen voor de rechten en verplichtingen van de betrokken contractspartijen.

Handelsagentuurovereenkomsten zijn immers onderworpen aan dwingende wetgeving, die een regeling voorziet voor onder meer de betaling van een commissie ingeval na het einde van de overeenkomst nog zaken worden afgesloten, het respecteren van een opzegtermijn, respectievelijk de betaling van een opzeggingsvergoeding naar aanleiding van de beëindiging van de overeenkomst en de betaling van een uitwinningsvergoeding voor het cliënteel dat door de handelsagent tijdens de uitvoering van zijn opdracht werd aangebracht.

Deze dwingende wetgeving is niet van toepassing op makelaarsovereenkomsten. De positie van de handelsagent is zodoende beter beschermd dan die van de makelaar, die zich de rechten die de handelsagent uit de wetgeving haalt immers zelf zal moeten voorbehouden door ze in de makelaarsovereenkomst op te nemen.

Wat is het auteursrecht?

Het auteursrecht beschermt originele creaties van de geest (bv. literaire werken, artistieke werken, wetenschappelijke teksten, scenario’s beeldhouwwerken, schilderijen, foto’s filmwerken, choreografieën).

Het auteursrecht komt toe aan diegene die het originele werk heeft gecreëerd, en blijft bestaan voor een periode die pas afloopt 70 jaar na de dood van de auteur.

Het auteursrecht verleent de auteur het exclusieve recht om zijn werk te exploiteren en zorgt ook dat anderen slechts met zijn toestemming het werk mogen gebruiken.

Om werken auteursrechtelijk te beschermen, hoeft de auteur geen formaliteiten te voldoen of procedures te doorlopen (in tegenstelling tot het bekomen van een octrooi of merkregistratie, wat wel middels een specifieke procedure  moet gebeuren). De bescherming van het werk ontstaat automatisch bij de creatie van het originele werk, weliswaar op voorwaarde dat het werk een concrete originele vorm heeft. Er is geen verdere verklaring of erkenning nodig.

Waar moet ik als consument op letten bij het afsluiten van een overeenkomst met een onderneming?

Bij het afsluiten van een overeenkomst met een onderneming, moet een consument doorgaans de contract- en algemene voorwaarden aanvaarden die de onderneming van toepassing verklaart op de overeenkomst.

Aangezien de consument in zijn verhouding met een onderneming doorgaans in een zwakkere positie staat, en dus geen invloed kan uitoefenen op de opgelegde contractvoorwaarden, worden wettelijk bepaalde beschermingsmechanismen opgelegd.

Vooreerst is een onderneming ertoe gehouden de consument duidelijk én begrijpelijk te informeren over de voornaamste kenmerken van het aangeboden goed of dienst, de prijs en betalingswijze en de algemene voorwaarden. Het is dan ook aangewezen om na te gaan of de onderneming alle vereiste essentiële informatie heeft meegedeeld of ter beschikking heeft gesteld.

Verder heeft de wetgever bepaald dat onrechtmatige bedingen (= onrechtmatige contractsbepalingen) in overeenkomsten tussen ondernemingen en consument nietig zijn of nietig kunnen verklaard worden, zodat zij geen uitwerking meer hebben tussen partijen.

Bedingen worden beschouwd als onrechtmatig wanneer zij alleen of in samenhang ‘een kennelijk onevenwicht scheppen tussen de rechten en plichten van partijen ten nadele van de consument’. Dit is een algemene toetsingsnorm om de onrechtmatigheid van contractuele clausules te bepalen.

Daarnaast bestaat er ook een lijst met verboden bedingen die steeds verboden en dus nietig zijn, o.a.:

  • bedingen waarbij de onderneming zich het recht toekent om in overeenkomsten van bepaalde of onbepaalde duur eenzijdig, zonder objectieve maatstaven, de prijs te verhogen;
  • bedingen waarbij de onderneming zich het recht toekent om eenzijdig de leveringstermijn te bepalen of te wijzigen;
  • bedingen waarbij de onderneming zijn aansprakelijkheid bij een eventuele wanprestatie al te zeer uitsluit of beperkt;
  • schadebedingen; dit zijn bedingen die een onredelijk hoog bedrag opleggen bij onder meer niet-tijdige betaling door de consument, die niet redelijkerwijze overeenstemmen met het nadeel dat door de onderneming kan worden geleden;

Schadebedingen moeten daarenboven wederkerig en gelijkwaardig zijn: bedingt de onderneming bijvoorbeeld een bedrag bij niet-tijdige betaling door de consument, dan moet daartegenover ook een beding staan dat een gelijkwaardig bedrag aan de consument toekent bij het niet-naleven van een verbintenis van de onderneming die hieraan beantwoordt, bijvoorbeeld de niet-tijdige uitvoering van een dienst.

De nietigheid van dergelijke onrechtmatige bedingen tast de geldigheid van de overeenkomst evenwel niet aan, zodat de overeenkomst blijft gelden tussen de onderneming en de consument (weliswaar zonder toepassing van de onrechtmatige bedingen) voor zover zij kan voortbestaan zonder de onrechtmatige bedingen.